Lees alle essays

Dag 5: Athene, Eerste Kerstdag

Wat een dag weer. Hoog tijd om alle gedachten op een rijtje te zetten en wat puzzelstukjes op hun plek te laten vallen – en daar helpt het schrijven van deze stukjes bij.

Vooraf een persoonlijke noot.

Voor mij springt één moment er vandaag bovenuit. Bij de eerste actie van WeGaanZeHalen, de rit naar het Binnenhof in Den Haag, was mijn moeder Ettje aanwezig. Zo strijdlustig had ik haar nog niet gezien: ze was ontzettend boos over de manier waarop ons land zich onder zijn verantwoordelijkheden uitdraaide, beloftes niet nakwam en mensen slachtofferde op het altaar van de ‘politieke realiteit’, een eufemisme voor draaikonterij om je pluchen zetel te behouden. Een jaar later, in Brussel, kon ze er om gezondheidsredenen niet bij zijn maar gaf ze wel haar kentekenplaat aan ons mee als symbool van haar bereidheid naar Griekenland te rijden ‘om ze te gaan halen’. En nu, weer twee jaar van politiek getreuzel en getraineer later, heeft ze onze tijd achter zich gelaten: sinds mei van dit jaar leeft ze verder in Gods tijd. Haar favoriete deken, foeilelijk blauw maar heerlijk warm, heb ik meegenomen om namens haar aan iemand te geven die hem nu nodig heeft.

Op kerstavond had ik een gezinnetje ontmoet dat nu overleeft in een van de kampen buiten Athene. Twee kids, een drukke peuter die overal tussendoor struint en een wat zieke baby die het liefst bij haar moeder op de arm zit. Vanmiddag zie ik ze weer, en met behulp van een tolk leg ik de jonge vader uit van wie deze deken was, en dat ik hem graag aan hen wil geven. Abdullah wordt er verlegen van, vindt hun situatie niet erg genoeg – anderen hebben het nog moeilijker! Maar als ik hem vertel dat hij hem door mag geven als hij iemand tegenkomt die hem harder nodig heeft, neemt hij de deken dankbaar aan.

Het bepaalt me opnieuw bij mijn persoonlijke motivatie voor deze reis. Is het niet allemaal te symbolisch, te ‘over the top’, meer vorm dan inhoud? Zoveel tijd en geld voor iets wat zeer waarschijnlijk geen tastbaar resultaat gaat opleveren? Terechte vragen, die niet alleen door vrienden maar ook door de media worden gesteld. Voor mij lag er een sleutel in Jezus reactie op Maria, de zus van Martha en Lazarus. Jezus ligt aan tafel, zoals destijds gebruikelijk was, met de voeten naar buiten, en Maria giet een kruikje Nardusolie leeg over zijn voeten. Nardusolie is een heel sterk parfum, dat om die reden ook werd gebruikt om doden te zalven. Het hele huis vulde zich met de geur. Een heftig statement, dat niemand ontgaat, maar wel eentje die letterlijk snel vervliegt. Zo’n kruikje kostte een jaarsalaris, en Judas, verantwoordelijk voor de kas, tekent protest aan. ‘Hadden we dat geld niet efficiënter kunnen besteden? Wat een verspilling van resources.’ Maar Jezus zegt: “Laat haar, ze doet dit voor de dag van mijn begrafenis.”

Hij ziet een diepere laag, een andere dimensie, een ander domein. Soms steekt iets over van het domein van de symboliek naar het domein van de liturgie. Die term gebruiken we nu voornamelijk om de onderdelen van een kerkdienst aan te geven, maar het komt van ‘leitourgia’, een woord dat hier in Athene werd geboren, en staat voor een dienst van het volk aan de koning. Je middelen en mogelijkheden inzetten in dienst van de koning, om diens doelen te helpen verwezenlijken. En die dienst, die liturgie, mag wat kosten.

Zo ervaar ik ook deze reis. Ja, het is een heftig statement, met 60 man naar Griekenland rijden. Wellicht vervliegt het effect sneller dan ons lief is. En ja, het is zeker kostbaar. Maar het is méér dan symboliek. We geven liefde door, en het is bijzonder om te merken hoe onbetaalbaar waardevol het voor de mensen hier is.

Terug naar de chronologie.

Toen we fysiek en mentaal klaar waren voor een nieuwe dag, bleek mijn medicatie nog in de auto te liggen. In theorie niet zo’n dingetje, maar waar dat thuis in een minuut gefikst is heeft dat hier wat meer voeten in de aarde. Parkeren op straat is namelijk geen optie, dus de auto staat in een parkeergarage een eindje verderop. En dat is geen riante garage zoals wij die kennen, maar een soort tetris-voor-gevorderden. De beheerder rijdt je auto naar binnen, parkeert ‘m met de achterbumper strak tegen een oude autoband tegen de muur en de volgende auto wordt op dezelfde manier tegen jouw auto aan geparkeerd. Zo passen er héél veel auto’s in de garage en dat is mooi want auto’s hebben ze hier in Athene te veel en ruimte te weinig. Het is alleen wat minder praktisch als de vijfde deur van de auto open moet… Tenzij je ook goed bent met schuifpuzzels, en dat was de beheerder dus daarmee was dat probleem ook weer opgelost. 

Op de terugweg scoren we koffie en ‘iets met bladerdeeg’, een combinatie waar hier een hele horecatak omheen is gebouwd. We lopen richting Communitism, het tijdelijke hoofdkwartier van WeGaanZeHalen. Op het Olympiaplein komen we wat reisgenoten tegen die samen met gids Arash wachten op een gezin voor een lokale relocatie. Arash helpt vluchtelingen aan onderdak, eerst via hotelletjes maar daarna doorstromend naar gastgezinnen, waar ze een eigen plek krijgen in de vorm van een kamer waar het hele gezin leeft en slaapt. Zo passen er héél veel mensen in een huis en dat is minder dan optimaal, maar veel beter dan slapen in de open lucht. Als het gezin waar het om gaat arriveert met hun hele hebben en houden blijkt dat beperkt te zijn tot de kleding die ze aan hebben en een enkel plastic tasje met een extra trui. We besluiten dat we niet zoveel toegevoegde waarde kunnen bieden bij deze verhuizing en lopen door naar Communitism. 

Communitism blijkt een neoklassieke villa in verregaande staat van verval. In Athene is restauratie van historische panden door bureaucratische procedures en corruptie zo tijdrovend en duur dat veel huiseigenaren de moed opgeven. Het is makkelijker en goedkoper om een oud pand tot een bouwval te laten verworden en een sloop- en nieuwbouwvergunning aan te vragen. Daardoor is er veel leegstand en bevindt in sommige wijken zo’n twintig procent van de bebouwing zich in deplorabele staat, wat de buurt geen goed doet. Vanuit de gemeenschap is er een beweging opgestaan die zulke panden kraakt en een sociale of culturele bestemming geeft in dienst van de gemeenschap, waaronder hulp aan vluchtelingen. En zo doet dit ooit statige patriciërshuis nu dienst als uitvalsbasis voor WeGaanZeHalen. 

Als alles om je heen er vervallen uitziet is de verleiding groot om maar niet al te veel op te ruimen. Maar als rechtgeaarde ‘deugterroristen’ hechten we aan rust, reinheid en regelmaat dus worden de handen uit de mouwen gestoken: vuilniszakken vol troep verdwijnen in de container en de zwabber gaat over de vloer. Tegen de tijd dat de eerste deelnemers voor de geplande workshops arriveren is Communitism klaar om ze te ontvangen. 

Het middagprogramma bestaat uit vier simultane workshops, gericht op het vinden van een uitweg uit de impasse waar de migratieproblematiek in is beland. De eerste zoekt een juridische weg, de tweede bespreekt ‘loopholes’ (gaten in de bestaande regelgeving en veilige vluchtroutes), de derde focust op volgende stappen voor WeGaanZeHalen, en de vierde is een open brainstorm.

De groep, bestaande uit reisgenoten, vluchtelingen en vertegenwoordigers van NGO’s, verdeelt zich over vier kamers en de volgende twee uur zijn gevuld met levendige discussies in het Nederlands, Engels, Arabisch en Farsi. Niemand had de illusie dat we de oplossing zouden vinden en dat gebeurt uiteraard ook niet, maar alle vier de groepen komen wel tot nieuwe ideeën, uitmondend in concrete plannen. 

Na de workshops is het tijd voor het diner. Dat gebeurt in vluchtelingenkamp-stijl: in ploegjes van vijf naar de keuken, in de rij staan, één voor één een kop soep en een paar stukken brood ophalen en eten maar! Het smaakt verrukkelijk, terwijl in de hal het ene na het andere kerstlied wordt aangeheven. 

Als ‘U zij de glorie’ wordt ingezet kijken Rikko en ik elkaar wat flabbergasted aan – maar eigenlijk is dat Paaslied ook heel passend. Want Gods verhaal met de mensen hield niet op met Kerst. Jezus is de gekruisigde, de opgestane Heer, die nu aan Gods rechterhand zit. En wij zijn hier op aarde, om onze liturgie uit te voeren. Om Gods armen te zijn, zoals in dit lied, gebaseerd op een gebed van Teresa van Ávila:

Christ has no body now but yours,

no hands, no feet on earth but yours.

Yours are the eyes with which He sees,

Yours are the feet with which He walks,

Yours are the hands with which

He blesses all the world:

Yours are the hands.